
Pizza met de zusters van Moeder Teresa
Liefdadigheidswerk in Amsterdam, maaltijden voor daklozen en de band met de zusters van Moeder Teresa van Calcutta: "We lossen de problemen van de wereld niet op, maar we veranderen de manier waarop we ermee omgaan in ons leven”Elke maand komt een groep studenten en volwassenen uit de beweging bijeen in het huis van de Zusters van Moeder Teresa van Calcutta om een maaltijd te bereiden en te serveren aan daklozen en mensen die in grote nood verkeren. Het gaat niet alleen om het uitdelen van eten: het is een gedeelde ervaring, bestaande uit gezichten, namen en verhalen – vaak voorbijkomend terwijl we bezig zijn, gehaast – maar die geleidelijk vertrouwd worden.
In het begin was onze relatie met de zusters niet eenvoudig. Ze kwamen op ons meteen over als zeer praktisch, streng en met oog voor elk detail. Soms zelfs koel. Hun manier van werken liet geen ruimte voor improvisatie: alles moest goed en op de juiste manier gebeuren want niet wij stonden in het middelpunt – dat waren degenen die om hulp kwamen vragen. We waren er om te dienen, niet om ons goed te voelen over onszelf.
Naarmate de maanden verstreken veranderde er iets. Achter die discipline begonnen we een totale en stille toewijding te ontdekken, een onvermoeibare zorg voor iedereen die op de deur klopte. En, bijna zonder dat we het doorhadden, ontstond er een relatie van wederzijds vertrouwen en genegenheid. Het liefdadigheidswerk was niet langer een maandelijks gebaar, een kort moment van vriendelijkheid in een wereld die een andere kant op lijkt te gaan. Het werd een gezamenlijke reis: tussen ons jongeren en de zusters.
We beseften dat het er niet om ging ‘iets voor anderen te doen’, maar ons te laten meeslepen, een ander perspectief te leren kennen – een dat aandachtiger en authentieker is. Aanwezig zijn, luisteren, ons laten corrigeren. Protagonisten worden, niet door te doen, maar door er simpelweg te zijn.
Uit deze sfeer kwam Manu’s idee voort: een pizza-avond organiseren voor de gasten van het tehuis. Een eenvoudig gebaar, maar wel een dat in staat is om van een maaltijd een feest te maken. Manu vroeg mij om hulp bij de organisatie, en ik zei ja. We gingen aan de slag: dienstroosters, ingrediënten, deeg, ovens, vrijwilligers. Alles was klaar. Maar toen, een paar dagen voor het evenement, werd ik ziek. Hoge koorts, zwakte. Het was niet makkelijk om toe te kijken hoe het werk doorging zonder dat ik er volledig aan kon bijdragen. In mij rees de gebruikelijke verleiding: het gevoel onmisbaar te zijn, te denken dat het zonder onze bijdrage niet zou lukken.
In die dagen kwamen De Gasperi’s woorden aan zijn dochter bij me terug: “Nu heb ik alles gedaan wat in mijn macht lag; mijn geweten is gerust. Zie je, de Heer zet je aan het werk, laat je plannen maken, geeft je energie en leven. En dan, net wanneer je denkt dat je nodig en onmisbaar bent, neemt Hij plotseling alles weg. Hij laat je beseffen dat je slechts nuttig bent; Hij zegt je: ‘Dat is nu genoeg; je kunt gaan.’ En dat wil je niet; je zou je graag aan de andere kant willen presenteren met je taak goed en nauwkeurig voltooid. Ons kleine menselijke verstand kan zich er niet bij neerleggen het voorwerp van zijn passie onafgemaakt achter te laten voor anderen.”
Het pizzafeest was een viering waar ik me opnieuw realiseerde dat we moeten blijven vallen om te leren, dat wij niet degenen zijn die wonderen verrichten. Er wordt ons alleen gevraagd ja te zeggen, ons beschikbaar te stellen. De Heer bouwt de rest, vaak juist door onze zwakheid heen.
En misschien is dit wel het meest bevrijdende: ontdekken dat het goede niet afhangt van onze vaardigheid maar door onze bereidwilligheid heen gaat. Wij zijn het middelpunt van niets; wij zijn instrumenten. En juist op deze manier kan iets groters ontstaan dan onze ideeën en onze plannen: een menselijke gemeenschap die zonder ophef zorgt voor de meest kwetsbaren.
Die pizzavond, waarvan ik vreesde dat ik hem zou missen, bleek een persoonlijke les te zijn: zelfs wanneer we gedwongen worden te stoppen gaat het goede door. En misschien is dat precies wat ons maand na maand bij deze ervaring betrokken houdt: ontdekken dat we, door anderen te dienen, zelf als eersten gediend worden.
Liefdadigheidswerk in Amsterdam lost de problemen van de wereld niet op. Maar het verandert de manier waarop we in de wereld leven. Zelfs nu ik, na een fietsongeluk uitgeschakeld en aan huis gekluisterd, naar Italië ben teruggekeerd weet ik dat ik geroepen was om een handje te helpen – daar net zo goed als hier – binnen de gegeven omstandigheden, de realiteit gehoorzaamend terwijl ik probeer haar lief te hebben en te omarmen, net zoals ik zelf zo vaak ben bemind.
Carlo, Amsterdam