
“We hebben vorm gegeven aan de adem van het universum”
De laatste toren van de Sagrada Família – de hoogste, gewijd aan Jezus Christus – werd in Barcelona ingewijd met een mis die werd opgedragen door paus Leo XIV. Astrofysicus Marco Bersanelli die aan het project heeft meegewerkt over zijn ontdekkingenAanstaande juni (vandaag, woensdag 10 juni 2026) beleeft de basiliek van de Sagrada Família in Barcelona een van de meest langverwachte momenten in haar geschiedenis: de voltooiing van de Toren van Jezus Christus, met 172,5 meter de hoogste van het gebouw. Het markeert het hoogtepunt van een bouwproject dat in 1882 begon, en naar verwachting zal ook paus Leo XIV ter gelegenheid hiervan een bezoek brengen. Het project van de Catalaanse architect Antoni Gaudí – door paus Franciscus uitgeroepen tot eerbiedwaardige – heeft altijd gestreefd naar een diepgaande dialoog tussen natuur, geloof en kosmische symboliek. Juist binnen dit kader past het werk van astrofysicus Marco Bersanelli: hij werd gevraagd om bij te dragen aan de weergave van het universum in de centrale toren, de laatste die nog voltooid moest worden. Het resultaat is een verrassende dialoog tussen hedendaagse kosmologie en sacrale architectuur.
De Sagrada Família is al meer dan een eeuw in aanbouw. Wat vertegenwoordigt het?
Het komt voort uit het genie van Gaudí en belichaamt zowel traditie als moderniteit. Het is een unieke en onschatbare versmelting: enerzijds de herinnering aan het verleden, in al zijn diepgang; anderzijds een architecturale, symbolische en artistieke taal die bij een moderne visie hoort. Deze versmelting heeft me altijd gefascineerd.
Wat heeft een astrofysicus te maken met de bouw van een kathedraal?
De traditie schrijft voor dat de kathedraal een teken is van de betekenis van alles. Om deze reden heeft zij van nature een kosmische dimensie. Vanaf het allereerste begin heeft de architectuur getracht de relatie met de totaliteit die het universum is tot uitdrukking te brengen. Kosmische symboliek is daarom een diepgaand element van de traditie: veel middeleeuwse kerken verbeelden expliciet de schepping. De koepel of het gewelf dat boven veel sacrale gebouwen uittorent – denk maar aan de sterrenhemel in de Basilica di Galla Placidia of de kathedraal van Siena – beeldt de kosmos af volgens het Grieks-middeleeuwse model, toen het universum als geocentrisch werd opgevat: de aarde onbeweeglijk in het centrum en de sterrenbol van het firmament die eromheen draait. In de Sagrada Família wordt deze traditie in ere gehouden: de kathedraal verbeeldt de schepping. Maar de geometrie van het gebouw kent geen koepels: het heeft slanke torens. Hier ontstond het probleem…
Was kosmische symboliek daarom al aanwezig in Gaudí’s oorspronkelijke idee?
Zeker. De Geboortegevel bijvoorbeeld is afgezet tegen een sterrenhemel die de sterrenbeelden weergeeft ten tijde van Jezus’ geboorte, terwijl een grote komeet de locatie markeert. Gaudí wilde uitdrukken dat de hele schepping deelneemt aan het mysterie van Christus; hij beschouwde de werkelijkheid als een verenigd geheel.
De natuur speelt inderdaad een fundamentele rol in de hele Sagrada Família, …
Gaudí had een heel precies idee: architectuur moet voortkomen uit de observatie van de natuur, die hij omschreef als “een groot boek dat altijd openligt”. Alles – van de zuilen tot het licht, van de gevels tot de torens – komt voort uit dit inzicht. Gaudí gebruikt geometrische vormen die een verrassend effect van lichtheid teweegbrengen. Het is alsof de zwaartekracht, in plaats van naar beneden te trekken, de ruimte omhoog duwt. Daarom heeft men in de basiliek de indruk zich in een bos te bevinden: de kolommen zijn als vertakkende boomstammen, en als men omhoog kijkt, lijkt het bijna alsof men door het gebladerte de sterren kan zien.
Laten we onze blik weer op de sterren richten: hoe is uw betrokkenheid bij het project tot stand gekomen?
Chiara Curti, architect en Gaudí-expert, had gehoord dat architect Jordi Faulí, directeur van de bouwplaats van de Sagrada Família, hulp zocht bij het bedenken van een manier om het universum in de Toren van Jezus Christus weer te geven. Ze noemde mijn naam, en in 2013 belde Faulí me op. De pogingen die tot dan toe waren ondernomen hadden hem niet overtuigd. Men had overwogen om het interieur van de toren te ‘vullen’ met sterren, als een sterrenhemel in een ‘vervormde’ koepel. Maar hier zijn geen koepels, alleen paraboloïden. Hoe zou men de schepping, de kosmos, kunnen weergeven in een geometrie die op die manier is geconstrueerd?
En welke oplossing vond u?
Toen ik naar de tekeningen van de toren keek, viel me op een gegeven moment een analogie op: de slanke vormen van de toren lijken op een bekende curve in de kosmologie, de zogenaamde Friedmann-Lemaître-curve, die de uitdijing van het universum beschrijft. Ik nam de kosmologische parameters die we vandaag de dag kennen en vergeleek de curve met het profiel van de toren. De gelijkenis was opvallend.
Wat betekent die curve?
De hedendaagse wetenschap vertelt ons over een uitgestrekt heelal op een schaal die niet alleen in de middeleeuwen, maar ook in de tijd dat Gaudí zijn torens ontwierp, onvoorstelbaar was, met miljarden sterrenstelsels verspreid door de diepe ruimte. En we weten dat de kosmos als geheel voortdurend uitdijt: de ruimte is niet statisch, maar dijt in de loop van de tijd uit, beginnend vanuit een begintoestand van extreem hoge dichtheid en temperatuur. Sindsdien is het universum enorm uitgezet, tot zijn huidige omvang, als in een grote ‘ademhaling’. Die curve geeft weer hoe de uitdijing zich in de loop van de tijd heeft ontvouwd: het lijkt op de vorm van de adem van het universum.
Hoe zijn we tot deze ontdekkingen gekomen?
De bijdrage van de Belgische priester en kosmoloog Georges Lemaître was doorslaggevend; op basis van Einsteins algemene relativiteitstheorie was hij de eerste die deze fysische visie van een evoluerend universum voorstelde. Een visie die later werd bevestigd door steeds nauwkeurigere waarnemingen. Vandaag de dag kennen we, dankzij missies als Planck, de waarden van de kosmologische parameters die de uitdijing van het universum bepalen met een onnauwkeurigheid van slechts enkele procenten.
Voor wie niet bekend is met het onderwerp: wat is de Planck-missie?
Een satelliet van het Europees Ruimteagentschap, gelanceerd in 2009, gewijd aan het bestuderen van het 'oerlicht' (de achtergrondstraling) dat 13,8 miljard jaar geleden werd uitgezonden, toen het universum nog in de kinderschoenen stond.
“Door dit kosmische verhaal in een heilig gebouw te verwerken wordt erkend dat ook de hedendaagse wetenschap deel kan uitmaken van een contemplatieve blik op de werkelijkheid”
Hoe werd deze visie op het universum geïntegreerd in de architecturale ruimte van de Toren van Jezus Christus?
De oorsprong van de tijd bevindt zich symbolisch bovenaan in de toren, terwijl de ruimte zich naar beneden uitbreidt in de richting van de basis, totdat deze ons ‘hier en nu’ bereikt: het heden. Op deze manier wordt de architectuur een verhaal over het universum: van het oerlicht tot het ontstaan van sterren, sterrenstelsels en complexere structuren. De kunstenaar Etsuro Sotoo heeft dit binnen in de toren artistiek weergegeven door middel van kleur. In de toren geldt: hoe dichter men bij de oorsprong komt, hoe meer de wiskundige curve van de uitdijing van het universum identiek wordt aan Gaudí’s architectonische vorm. Die kromming is te wijten aan het feit dat het oeruniversum wordt gedomineerd door straling, door licht: het is puur licht. En licht heeft een bepaald effect op de zwaartekracht, de kracht die de uitdijing beheerst. Wat mij echt verbaast, is dat Gaudí in de 19e eeuw schreef: “De vorm van de torens is de vereniging van zwaartekracht met licht.” Hij kon hier geen wetenschappelijke kennis van hebben gehad: het is een ontdekking van de laatste decennia. Toch schreef hij het.
Het onderwerp van de schepping van de wereld is altijd fascinerend voor jullie wetenschappers.
Ja, en niet alleen voor wetenschappers… Een keerpunt voor mij, sinds ik don Giussani ontmoette, is dat de schepping niet kan worden gereduceerd tot dat eerste punt bovenaan, op de top. De hele tijd, die de verticale as is, is schepping. Don Giussani zei altijd: “Er is niets duidelijker dan het feit dat ik mezelf niet schep, op dit moment!” Elk moment wordt geschapen. We worden op dit moment aan onszelf geschonken. Het universum wordt op dit moment aan zichzelf geschonken, in elk moment.
Laten we terugkeren naar het werk aan de toren: was u niet bang dat een moderne wetenschappelijke voorstelling zou botsen met de traditionele symboliek van de Kerk?
Ja. Maar Jordi Faulí en zijn team hielpen me begrijpen dat traditie voor Gaudí niet betekent het verleden herhalen, maar het herbeleven in het licht van het heden. Ze zeiden tegen me: “In navolging van Gaudí moeten we altijd onderzoek doen.” Dit kosmische verhaal in een heilig gebouw verwerken betekent dus erkennen dat ook de hedendaagse wetenschap deel kan uitmaken van een contemplatieve blik op de werkelijkheid. Gaudí’s grootsheid lag in het bedenken van een werk waarvan hij de voltooiing nooit zou meemaken, met volledig vertrouwen. Het zou een Ander – dat wil zeggen, God – zijn die de dingen tot bloei zou brengen. Voor Gaudí was het duidelijk dat het een Ander zou zijn die degenen die na hem zouden komen bij de bouw van de kathedraal zou verlichten.
De voltooiing van de toren zal ook worden gemarkeerd door de aanwezigheid van een werk van een Italiaanse kunstenaar.
Het Agnus Dei van Andrea Mastrovito. Hij liet zich inspireren door het concept van het universum om een sculptuur te creëren die bestaat uit duizenden glasscherven, geplaatst binnen in elkaar verweven lichtstralen die een hyperboloïde structuur vormen. Het effect is dat van licht dat met grote energie uitstraalt en tegelijkertijd een gevoel van totaal vertrouwen en zachtheid suggereert, alsof die oerkracht – zowel krachtig als zacht – de bron van de schepping was.